De marifoon kraakt. Uit de luidsprekers op de brug klinkt een Amerikaanse stem. „De VS hebben een blokkade van Iraanse havens en kustgebieden afgekondigd. […] Probeer de blokkade niet te doorbreken. Schepen die van of naar een Iraanse haven varen, worden geënterd voor onderschepping en inbeslagname.” Dreigend besluit de stem: „Als u zich niet houdt aan deze blokkade, zullen we geweld gebruiken. Out.”
Afgelopen woensdag, de derde dag van de Amerikaanse blokkade van de Straat van Hormuz. Zo moet de scheepsradio hebben geklonken van de Rich Starry, een olie- en chemicaliëntanker van een Chinese firma, varend onder de vlag van het Afrikaanse land Malawi.
Via marifoonkanaal VHF-16, het internationale noodkanaal op 156.800 MHz, richt de Amerikaanse marine zich sinds enkele dagen tot schepen in de Straat van Hormuz, de Golf van Oman en de Arabische Zee. Het Amerikaanse opperbevel Centcom deelde de radioboodschap woordelijk op X.
Vanaf maandag proberen de VS schepen tegen te houden die van of naar een Iraanse haven varen, of Iran betalen voor de doorvaart van de Straat. Voor olietankers is die ’tol’ naar verluidt 1 dollar per vat, wat voor supertankers kan oplopen tot 2 miljoen dollar. Enteren van schepen hebben de VS niet gedaan, meldt het opperbevel donderdag. Maar volgens de Amerikaanse autoriteiten heeft de US Navy deze week al dertien schepen geblokkeerd.
Zo ook de Rich Starry. De tanker, die op een Amerikaanse sanctielijst staat, maakte meerdere keren rechtsomkeert bij de blokkade. Volgens sommige data is het schip later alsnog door de Straat gekomen en uit de Golf vertrokken; andere bronnen tonen haar weer voor anker bij een Iraans eiland. Ook andere schepen zouden zulke U-bochten hebben gemaakt.
Volgens Vesselfinder.com, een website die scheepsbewegingen toont, ligt de Rich Starry inmiddels voor anker bij het Iraanse eiland Qeshm in het noorden van de Straat van Hormuz. Overigens met een slag om de arm: schepen die sancties willen ontduiken rommelen regelmatig met locatie- en andere data.
Het doel van de Amerikaanse blokkade: Iran niet meer laten profiteren van handel in onder meer ruwe olie en olieproducten met China, India en andere landen
‘Double trouble’
Bijna vijftig dagen heeft Iran de Straat van Hormuz de facto afgesloten voor vijandige schepen. Die dreigde de Iraanse marine – ook via marifoonkanaal VHF-16 – te „vernietigen” als zij de nauwe zeestraat tussen Iran en Oman zouden proberen te doorkruisen. Vrijdagmiddag kwam er nieuws: het Iraanse ministerie van Buitenlandse Zaken meldde dat de Straat „volledig open” is voor de commerciële scheepvaart. In elk geval gedurende het bestand tussen Israël en Libanon, dat tien dagen duurt en vermoedelijk volgende week zondag afloopt.
Onbekend is of de Iraanse stap een gevolg is van de ’tegenblokkade’ die de Amerikaanse president Donald Trump zondag aankondigde. Sinds maandag houdt de Amerikaanse marine ‘Iran-vriendelijke schepen’ tegen – eerder in de Golf van Oman en op de Arabische Zee trouwens dan in de Straat zelf, nabij de Iraanse kust. Die Amerikaanse blokkade volgde op het mislukken van de eerste onderhandelingen tussen de VS en Iran.
De olieprijzen reageerden vrijdag positief op het nieuws uit Teheran: een vat Amerikaanse olie werd bijna 12 procent goedkoper (83,30 dollar) en Brentolie zakte 11 procent, naar 87,90 dollar per vat.
Dat lijkt vooralsnog de enige zekerheid rond de heropening van de Straat van Hormuz. Trump reageerde vrijdag met de mededeling dat hij de Amerikaanse blokkade handhaaft zolang er nog geen akkoord is tussen de VS en Iran. Evenmin geeft dit duidelijkheid voor de duizenden schepen en circa 19.000 zeelieden die al weken vastzitten in de Golf. Onder hen zijn meer dan vijftig Nederlanders. De meeste reders en scheepsverzekeraars zullen eerst meer zekerheden willen hebben dat een veilige exit uit de Perzische Golf en de Straat van Hormuz mogelijk is.
Double trouble, noemden de analisten van het Britse scheepvaartbureau Lloyd’s List de dubbele blokkade van de Straat donderdag tijdens een webinar. „De onzekerheid regeert”, aldus een van hen.
Die trouble strekt zich uit tot ver buiten de Golfregio. De dubbele blokkade zorgt voor een verdere ontwrichting van de wereldhandel, de energievoorziening en nationale economieën in met name Azië.
Denk bijvoorbeeld aan de rijstboeren en de theeplanters in India. Voor hen dreigt een tekort aan uit de Golf te importeren kunstmest. De Golf is een belangrijke exportregio voor ureum, grondstof van kunstmest. Landbouwdeskundigen schatten dat de gemiddelde Indiase rijstboer 20 tot 30 procent meer gaat betalen voor z’n kunstmest, zijn opbrengsten mogelijk 10 tot 30 procent kunnen dalen en zijn netto-inkomen daardoor misschien wel met de helft zal afnemen.
Of denk aan het vliegverkeer in onder meer Vietnam en de Filippijnen, dat al snel na het begin van de Iran-oorlog ontregeld raakte door dure kerosine. KLM en Lufthansa kondigden deze week ook aan vluchten te schrappen. Of kijk naar de chipfabrikanten in Taiwan en Zuid-Korea die helium uit de Golf gebruiken voor hun productie.
En niet te vergeten alle afnemers van olie, gas en olieproducten wereldwijd. Het is zo langzamerhand een bekend feit: 20 procent van de wereldwijde oliehandel gaat per schip door de Straat van Hormuz, plus een aanzienlijk deel van de lng-export. Afgelopen maandag, op de eerste dag van de Amerikaanse blokkade, steeg de olieprijs weer tot ruim boven de 100 dollar per vat (Brent).
De Amerikanen meldden woensdag dat geen enkel schip in de eerste 48 uur voorbij hun blokkade is gekomen. Maar dat lijkt onjuist.
Sancties strikter
Met het blokkeren van de belangrijke zeestraat van de Perzische Golf naar de Golf van Oman en de Indische Oceaan wil president Trump de politieke en economische druk opvoeren op Iran. Het land zou niet meer mogen profiteren van de doorgaande handel in onder meer ruwe olie en olieproducten met onder meer China en India.
Die druk wordt niet alleen militair opgevoerd. Washington heeft de afgelopen dagen ook de economische sancties aangescherpt. Een tijdelijke vrijstelling voor Iraanse olie – bedoeld om ladingen die al onderweg waren alsnog op de markt te laten komen – liep deze week af en wordt niet verlengd.
Daarmee keren de VS terug naar een strikter sanctieregime, gericht op het zo veel mogelijk stilleggen van de Iraanse olie-export. De combinatie van financiële sancties en fysieke blokkade moet voorkomen dat Iran via derde landen, zoals China of India, toch inkomsten uit olie blijft halen.
Voldoet daarbij de maritieme blokkade? Is de Amerikaanse inzet van het vliegdekschip USS Abraham Lincoln, een tiental andere marineschepen, meer dan honderd gevechts- en surveillancevliegtuigen en tienduizend manschappen effectief? En brengt deze blokkade de vrede dichterbij?
Allereerst de oliehandel: analisten verwachten dat Iran zijn productie enkele weken tot drie maanden kan handhaven. Zelfs als de VS-blokkade de export volledig stillegt. Iran heeft een grote opslagcapaciteit op het land (onshore). Daarnaast kan het tankers inzetten als drijvende opslag.
Door de Amerikaanse blokkade – en de onzekerheid voor de internationale scheepvaart – was de afgelopen week de rustigste week op het water van de Straat van Hormuz. Lloyd’s List telde tot halverwege donderdag 27 doorvaarten door de Straat: 25 traceerbare schepen en twee schepen die volgens de Britse analisten behoren tot de zogenoemde schaduwvloot. Dat zijn (anoniem opererende) schepen die worden gebruikt om sancties te omzeilen.
Voor het eerst gingen meer schepen westwaarts – de Perzische Golf in – dan oostwaarts – richting de Golf van Oman en de Indische Oceaan. Wat dat betekent is onduidelijk.
Deze rustige week volgde op de twee drukste weken sinds de oorlog. In de eerste week van april voeren 78 schepen door de Straat, in de tweede week 77. Dat waren er 11 per dag. Ter vergelijking: vroeger, op een normale dag voor het conflict, voeren pakweg 140 schepen door de Straat.
De Amerikaanse autoriteiten meldden woensdag dat geen enkel schip in de eerste 48 uur van de actie voorbij de Amerikaanse blokkade is gekomen. Maar dat lijkt onjuist.
Waterdicht is de Amerikaanse blokkade geenszins. Zie bijvoorbeeld de twee supertankers die varen onder de vlag van Curaçao. Dinsdag voer de Alicia, een zogenoemde very large crude carrier (VLCC), door de Straat richting de Golf. En woensdag volgde de RHN, ook een VLCC.
Beide schepen, die de afgelopen jaren vele namen hebben gehad en onder de vlag van diverse staten voeren, maken volgens persbureau Reuters vermoedelijk deel uit van de schaduwvloot. De twee schepen voldoen aan een boel kenmerken daarvan: ze zijn relatief oud (vijftien jaar of meer), wisselden veelvuldig van naam, kozen regelmatig een andere vlaggenstaat, kennen volgens deskundigen een ondoorzichtige eigendomsstructuur, staan op sanctielijsten en zetten regelmatig hun identificatiesysteem (AIS) uit.
De Alicia meldde aanvankelijk dat zij onderweg was naar de Iraakse havenstad Basra. Later veranderde de supertanker zijn ‘bestemming’ – via het AIS – in ‘For Order’. Dat is kort voor ‘We wachten op orders’. Maar de term wordt volgens Reuters ook vaak gebruikt in de schaduwvloot, om de bestemming te maskeren.
Vrijdag leek de RHN (op Vesselfinder.com) onderweg naar het Iraanse oliedistributiepunt op het eilandje Kharg.
Ook andere schepen tonen dat de blokkade niet absoluut is. De Neshat, een Iraans vrachtschip uit Bandar Abbas, voer volgens trackingwebsites gewoon langs de Iraanse kust. En de Race, een Indiase tanker op weg van Basra naar het Indiase Pipavav, passeerde eveneens zonder ingrijpen. Deze voorbeelden laten zien dat schepen die niet direct aan Iraanse havens zijn gekoppeld de Straat nog steeds weten te doorkruisen.
Escalatie van het conflict
Brengt de Iraanse heropening een akkoord tussen de VS en Iran dichterbij? De fysieke druk van de Amerikaanse tegenblokkade en de economische druk van aangescherpte sancties lijken te hebben gewerkt. Desondanks kunnen de Amerikaanse interventies in de internationale scheepvaart nog steeds leiden tot een verdere escalatie van het conflict. Als de marine vrachtschepen entert van derde landen die handel drijven met Iran, zouden de VS in een directe confrontatie kunnen geraken met China. Volgens Lloyd’s List verzamelt een flink aantal tankers die worden gelinkt aan de Chinese overheid zich bij de westelijke doorgang naar de Straat van Hormuz. Klaar voor de tocht naar huis.
De VS meldden donderdag dat het land zich bevoegd acht om ver buiten de Straat van Hormuz en aangrenzende wateren vijandige schepen aan te houden die de sancties tegen Iran hebben geschonden. Dat is een letterlijke vergroting van het conflict.
Escalatie dreigt ook van de kant van Iran. Als de VS de Straat van Hormuz blijven blokkeren, stelde een hoge Iraanse functionaris afgelopen week, dan zal het land ook de handel in de Golf van Oman en de Rode Zee gaan verstoren. Daarmee raakt Iran twee alternatieve routes voor de export van olie van de Verenigde Arabische Emiraten en Saoedi-Arabië.
De VAE gebruiken de zogeheten Abu Dhabi Crude Oil Pipeline en de haven van Fujairah, aan de Golf van Oman, om olie te exporteren.
En de Saoedische havenstad Yanbu aan de Rode Zee is het eindpunt van de 1.200 kilometer lange, west-oostpijplijn dwars door Saoedi-Arabië. Vrijdag maakte de Zuid-Koreaanse regering bekend dat een eerste Koreaanse supertanker vanuit Yanbu veilig de Rode Zee heeft verlaten richting het oosten. In de Golf liggen nog minstens 26 Koreaanse tankers vast.
Maar als Iran de Houthi’s in Jemen zou vragen om zelfs maar één schip in de Rode Zee aan te vallen, dan zou de verzekeringspremie voor schepen door de Rode Zee (en het Suezkanaal) al omhoogschieten en moeten alle schepen omvaren.
En dan heeft de Amerikaanse blokkade die maandag begon de politieke en economische problemen in de wereld alleen maar groter gemaakt.


/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/04/17140414/170426VER_2033094713_MauritshuisBrediusDragend.jpg)
/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/04/16152428/170426BIN_2033059125_pepinster4.jpg)






/s3/static.nrc.nl/wp-content/uploads/2026/04/14170317/140426DEN_2032832432_EersteKamer1.jpg)

English (US) ·