Gestrande bultrug Timmy heeft het recht om niet te hoeven lijden, stelt de Nederlandse Leidraad voor walvisachtigen

3 uren geleden 1

De maximale tijd voor een reddingspoging van gestrande grote walvisachtigen ligt in Nederland op twaalf uur. „Na die tijd is het niet meer in het belang van het dier” om met die actie door te gaan, staat in de Leidraad stranding levende grote walvisachtigen. Timmy, de twaalf meter lange en 12.000 kilo wegende bultrug, strandde drie weken geleden op een zandbank in Duitsland. Nog steeds worden er pogingen gedaan om het dier te redden, ondanks het advies van experts om dat niet te doen.

„Wij hadden het waarschijnlijk anders gedaan”, zegt Jan Willem Zwart, manager WaddenUnit en strandingscoördinator walvisachtigen bij het ministerie van LVVN (Landbouw, Voedselzekerheid, Visserij en Natuur). „Mensen die iets met walvissen hebben denken: wat gebeurt hier nou toch?”

In Nederland is in 2012 de Leidraad opgesteld om precies deze situatie te voorkomen. Dat jaar strandden er op zandplaat de Razende Bol bij Texel een dode potvis én een levende bultrug. Johanna, de bultrug, deed er ruim honderd uur over om te sterven. „Toen kwam de discussie op gang: wat moeten we doen, wie gaat het doen, van wie is de walvis eigenlijk en wie is er verantwoordelijk voor het dier?”, zegt Zwart. „Heel lang is het bureaucratische geneuzel in de lucht blijven hangen, nu hebben we de Leidraad. Die leidt daadwerkelijk door een stranding heen.”

Een walvisachtige is res nullius, staat in het 38 pagina’s tellende document. Dat betekent: „formeel niemands eigendom”. Als rijksvertegenwoordiger neemt de overheid, specifiek het ministerie van LVVN, om die reden „het beheer van het dier op zich”. Zij zijn dus verantwoordelijk voor het welzijn zolang het dier leeft. De beslissing, altijd in samenspraak met een heel adviesteam, om tot euthanasie over te gaan „om het dier uit zijn lijden te verlossen” kan daarbij horen.

Een pleidooi voor palliatieve zorg

Timmy, vernoemd naar het Timmendorfer Strand in Duitsland, waar hij voor het eerst strandde op 23 maart, is gewond en ernstig verzwakt. Hij heeft netten en touwen in zijn spijsverteringskanaal, die onmogelijk verwijderd kunnen worden.

Toch lukte het hem na drie dagen op het Timmendorfer Strand weer vrij te komen. Op 31 maart kwam hij weer vast te zitten, onder het eiland Poel bij Wismar. Duitse autoriteiten besloten op 1 april de reddingspogingen te staken. Zo’n operatie zou hij niet overleven, werd geconcludeerd. En zelfs áls hij het zou overleven, zou hij honderden kilometers moeten overbruggen om weer in veiliger water terecht te komen.

Maar het lot van Timmy gaat mensen aan het hart. Zijn benarde situatie is te volgen via diverse liveblogs en -streams. Aan wal staan fans die hem toejuichen, hopende hem te kunnen stimuleren zichzelf in beweging te zetten. Ondanks het advies van experts besluiten particulieren, onder leiding van Duitse multimiljonair en medeoprichter van de MediaMarkt Walter Gunz (79), een reddingsactie op te tuigen.

Ze blazen zand onder hem vandaan en bedenken plannen om hem te verplaatsen door een zeil en met pontons. Hij kwam los, kwam weer vast te zitten bij Poel, kwam nóg een keer los maar kwam vlak daarna weer vast te zitten. De Duitse overheid keurt deze acties, die al weken duren, goed.

De International Whaling Commission (IWC) brengt op 7 april een statement dat euthanasie van de „gedeeltelijk drijvende walvisachtige” niet mogelijk is. Medische hulp, waaronder het verwijderen van de touwen, is ook niet mogelijk. En redden – het trekken aan een walvis die vastligt veroorzaakt snel een dwarslaesie – ook niet. Ondertussen kwijnt het dier onder zijn eigen gewicht weg.

De IWC pleit daarom voor palliatieve zorg. Het dier nathouden en zorgen voor rust is „de enige verantwoorde, humane en pragmatische reactie op een situatie waarvoor geen eenvoudige oplossing bestaat”. Natuurlijk hoopt iedereen op een succesvolle terugkeer naar veilig water, schrijven de experts, „maar het is niet altijd mogelijk”.

‘Terechtwijzing voor onze zonden’

„Het is ironisch dat menselijk ingrijpen het sterven van dit dier mogelijk pijnlijker heeft gemaakt door zijn dood te verlengen met onze onwetendheid en ons medeleven”, schrijven marien bioloog Jeroen Hoekendijk en schrijver Philip Hoare (The Whale) in een opiniestuk in The Guardian. „We lijken machteloos tegenover hun lot. Toch is niemand van ons onschuldig”, haalt hij bioloog Michael Moore aan, die verwijst naar de invloed van scheepvaart en klimaatverandering. Duizenden walvissen sterven op zee, maar buiten ons blikveld. „Een gestrande walvis voelt als een enorme, indringende terechtwijzing voor onze collectieve zonden.”

Misschien doet de mens het meer voor zichzelf dan voor het dier. Want wanneer is een poging om een dier te redden eigenlijk nog in het belang van het dier – en wanneer veroorzaakt het dierenleed?

In Duitsland is die discussie nu volop gaande. Het zou goed zijn als ze daar óók een Leidraad opstellen, is de conclusie van Jan Willem Zwart. „Het mooie aan de Leidraad is dat daardoor zo’n wild dier ook rechten krijgt. Heel eventjes dragen wij zorg voor een walvis, in zo’n situatie, wij zijn verantwoordelijk voor een goede behandeling.” Het voorkomen van lijden is daar een groot onderdeel van. „Daar heeft een dier ook recht op.”

Lees het hele artikel